
Matthew Hoggard is een populaire cricketer. En dat is terecht. Hij werkt zich altijd het schompes zonder te klagen en staat bovendien bekend als een ontzettend aardige gozer.
De afgelopen jaren was hij de constante factor in het Engelse team. Geen show-man als Kevin Pietersen is Hoggard de Mr. Reliable van het Engelse team. Bijna nooit geblesseerd – zoals bijvoorbeeld Steven Harmison altijd schijnt te zijn – en nooit op een belachelijke manier uit vorm – zoals bijvoorbeeld Harmison (bijna) altijd schijnt te zijn.
Tot voor kort, tenminste. Een onafgebroken reeks van 40 Tests werd begin dit jaar onderbroken toen hij niet kon deelnemen aan de vijfde Test in de dramatsich verlopen Ashes-serie in 2006/2007. En sinds mei dit jaar kampt Hoggard voor het eerst in zijn carrière over een langere periode met blessures. Afgelopen zomer miste hij Tests tegen West-Indies en India door een liesblessure, gevolgd door rugklachten.
Hij kwam in de eerste Test tegen Sri Lanka net terug van een rugblessure en was meteen (zonder eerst te moeten zoeken naar ritme, Stevie!) de beste bowler van Engeland. Op dag vier moest hij echter het veld verlaten, opnieuw met rugklachten.
Wat dit allemaal te maken heeft met de titel van deze post? Tot nu toe helemaal niets. Dat verandert met de volgende quote uit zijn column voor Times Online, waarin hij ingaat op de aard van zijn recente blessures en ook nog even de oorzaak aanwijst:
As far as I’m concerned, there’s no doubt about the cause: it’s all Peter Moores’s fault, he seems to be a jinx for me. I never used to get injured until he took over as coach.
Vervolgens gaat hij bloedserieus verder met beschrijven van de gevoelens in het Engelse kamp na de nederlaag in Kandy. Dat Hoggard deze zinnen over Moores een verder serieuze column insmokkelt, is tekend voor hem.
Hoggard heeft het niet zo op met het media-circus en de cliché-antwoorden en holle frasen die daarin meestal worden geuit door cricketers (klik hier voor goed voorbeeld van wicketkeeper Matt Prior).
Met zijn humor relativeert Hoggard graag in zijn ogen nodeloze ophef over opgeblazen en eigenlijk onbelangrijke randzaken. Tijdens de Ashes in 2006/2007 werd een papier met de aanvalsplannen voor de Engelse bowlers uit hun kleedkamer werden gejat en voorgelezen op de radio terwijl de Australiërs gehakt maakten van de bowling; Hoggard zag er als een van de weinigen de humor van in.
Hoggard heeft dus humor. Tel dat op bij hardwerkend en ontzettend aardig uit de eerste alinea en de conclusie moet zijn: Hoggard is een held.
In case you’re wondering, the above is written in Dutch. If you are looking for more of this Dutch non-fiction, I suggest you go to the archives and read any post between November 2007 and July 2008.
